Verhalenverkopers

Onlangs was ik bij het Dagblad van het Noorden uitgenodigd om op gesprek te komen voor een baan. Het eerste gesprek goed doorgelopen, ze waren erg nieuwsgierig naar mijn betoog voor het afstappen van alles gratis en snel online zetten maar in plaats daarvan meerwaarde en onderzoeksjournalistiek bieden. Goed, ik mocht terugkomen voor een tweede gesprek. Ik blij, natuurlijk. Ik kreeg een opdracht: ga op onderzoek uit hoe het Dagblad er eigenlijk digitaal voor staat, in de ogen van de redactie en wat de redacteuren eigenlijk willen.

Ik besloot een verhaal te schrijven over de aankomende betaalmuur die het Dagblad gaat invoeren en wat dat zal betekenen voor de redactie. Dat verhaal wil ik graag met jullie delen, aangezien ik de baan niet gekregen heb.

“Wij zijn verhalenverkopers, wij werken niet voor niks. Wij zijn verhalenverkopers die mooie verhalen maken om die aan de lezer te verkopen”

Dat de website van het Dagblad van het Noorden niets oplevert is bij niemand onbekend. Het wordt tijd dat er online geld wordt verdiend. Daarom staat de krant op het randje van een revolutie: er komt een betaalmuur, er worden twee jonge webredacteuren aangenomen die het nieuwe digitale Dagblad aantrekkelijk moeten maken voor lezers en wordt er geïnnoveerd op gebieden als onderzoeks- en datajournalistiek.

Al jaren kan iedereen het laatste nieuws gratis en voor niets via het internet en kranten als de Sp!ts krijgen. Belachelijk, vindt verslaggever Bas van Sluis het. “Ik heb een broertje, die is drie jaar jonger dan ik. Die heeft nog nooit voor nieuws betaald. Dan vraag ik hem wel eens: wil je dat ik zonder baan kom te zitten?” Daar moet verandering in komen. “Nieuws is een product. Dat komt niet uit de lucht vallen, dat wordt gemaakt,” stelt hoofdredacteur Pieter Sijpersma. “Voor het echte verhaal heb je nog steeds het oude vakwerk nodig,” voegt regioverslaggever Dirk Menken toe.

Redacteuren vinden het niks om hun harde werk gratis online weg te geven, legt eindredacteur Dick van Bolhuis uit. Daardoor is de website al jaren het ondergeschoven kindje. “Waarom zouden redacteuren moeite steken in hun online berichtgeving? Veel van hen vinden het internet gewoon niet zo belangrijk. Er zijn er een aantal die het gewoonweg vergeten om een webtekst aan te leveren en er is ook een groep die schrijven voor het web gewoon niks vindt.” Daardoor is de website ondergeschikt aan de krant, ook in de beleving van de redactie. Want met de krant verdien je geld en met de website niet.

Als voorbeeld geeft hij verslaggever Menno Hoeksem. “Menno is nu bezig met een verhaal over de FIOD die op de stoep staat bij Chinese restaurants hier in Groningen. Hij stapt op zijn fiets, praat met mensen en komt dan rond een uur of vier, vijf terug met mooie citaten. Hij schrijft er dan een prachtig stuk over voor de krant. Eigenlijk zou je willen dat hij tussendoor ook een foto voor de website stuurt. Bijvoorbeeld op het moment dat de FIOD voor de deur staat, met een kort stuk tekst: meer volgt. Dat maakt het spannend.”

Het gevolg van deze instelling is dat op de website niets meer staat dan de laatste nieuwtjes vanuit de regio, aangevuld met berichten van het ANP, legt internetredacteur Jan Venema uit. Die nieuwtjes moeten de krant verkopen. Het zijn stukjes waarbij je het tipje van de sluier oplicht en de lezer uitnodigt om de krant te gaan kopen. Dat pakken redacteuren heel verschillend aan. Zo zet Menken vooral zo min mogelijk op de website, want hij vindt dat mensen de krant maar moeten kopen voor het hele verhaal. “Als je iets gratis zou kunnen krijgen, waarom zou je er dan voor betalen. Als je de indruk wekt dat alles op internet staat, dan ga je geen krant meer kopen natuurlijk. Een bericht voor het web probeer ik daarom zo kort mogelijk te houden.”

Van Sluis probeert juist iets unieks neer te zetten online, dat verkoopt. Over zijn stukken voor de website denkt hij goed na. Dat is geen knip- en plakwerk, maar een stuk dat uitnodigt om de krant te lezen, om er meer van te weten te komen, legt hij uit.

Juist ook daarom is het zo belangrijk en zo mooi voor de krant dat journalisten naast stukken schrijven ook Twitteren en bloggen, want ook dat verkoopt kranten, meent hoofdredacteur Sijpersma. “Ze verhogen zo het aanzien van de krant. Dat wij journalisten hebben die zo bevlogen zijn, dat ze aan een site en een krant alleen niet genoeg hebben.” Bas van Sluis, Mick van Wely, Richold Brandsma, Rob Zijlstra, allen houden blogs bij op hun eigen websites. Daarin kunnen ze meer achtergronden en duiding geven bij de onderwerpen in de krant. Nog veel meer verslaggevers gebruiken Twitter om eigen verhalen aan te kondigen en aandacht te vragen voor de krant, of om van minuut tot minuut live verslaggeving te doen. Een voorbeeld is van Project X Haren, waar Bas van Sluis zelfs zo gedreven was dat hij ondanks dat hij een steen tegen zijn gezicht kreeg geworpen, fanatiek doortwitterde.

De site moet leidend worden

De site alleen gebruiken om de krant te verkopen, dat kan echter niet langer. Krantenoplages lopen al jaren terug. Het publiek verandert en verwacht steeds meer nieuws en achtergronden online. Het wordt tijd dat het digitale Dagblad niet meer ondergeschikt is aan de krant, maar ze als gelijken door het leven gaan.“Zeker als je wil dat mensen voor die site gaan betalen, dan moet je wel zorgen dat het kwalitatief goed staat, dat je iets te bieden hebt,” stelt Venema. Op de site vind je sinds 2005 al geen achtergronden, geen duiding en geen meerwaarde meer. Het broeit bij de redactie. Zij wil de digitale toekomst tegemoet gaan en ook op internet meer kunnen bieden.

Maar niet voor niks. Daarom komt er een betaalmuur, een muur waarachter je net zulke mooie dingen kan laten zien als in de krant – je biedt achtergronden, uitleg en grotere verhalen. Je kan zelfs meer doen, met multimediale uitingen en het verbinden van nieuwsdossiers. Een betaalmuur zal er bovendien voor zorgen dat er meer toewijding bij de verslaggevers zal komen voor het brengen van internetnieuws en dit op een interessante en unieke manier doen, denkt eindredacteur Van Bolhuis.

De redactie kijkt vol enthousiasme naar de digitale toekomst van het Dagblad, ook al is het nog aftasten en risico’s nemen. De betaalmuur is daar een eerste stap in. Uit alle lagen van de nieuwsmotor zijn de klanken positief gesteld. Iedereen wil het beter dan dat het nu is en iedereen wil kunnen blijven doen wat ze doen: verhalen verkopen.

Afbeelding: dvhn.nl